Wanneer je planten in de vollegrond water geeft, is grotendeels afhankelijk van het weer. In de herfst, wanneer het volop regent, krijgen je planten meestal voldoende water van Moeder Natuur. In droge perioden in de zomer kan het zijn dat je de natuur een handje moet helpen.
Je kunt water geven met de gieter, tuinslang (met spuitpistool of een sproeier) of een watergeefsysteem aanleggen. Hierover verderop meer. Er zijn wel een paar regels die je in acht moet nemen wanneer je je planten water geeft.
Je doet dit het best in de vroege ochtend of de avonduren. Dit zodat het water minder snel verdampt. Daarnaast verklein je hiermee de kans dat de bladeren verbranden. Overdag, in de volle zon, kunnen de waterdruppels op de planten als een soort lensje fungeren en schroeiplekken op de plant veroorzaken.
Verder kun je beter twee keer per week veel water geven, dan iedere dag een beetje. Geef je iedere dag een beetje water, dan is de kans groot dat het water al verdampt is voor het de diepere wortels kan bereiken.
Je kunt het beste regenwater geven, want kraanwater kan te veel kalk bevatten voor jouw planten. Wat de hardheid van het kraanwater in jouw woonplaats is, kun je checken bij het waterbedrijf in jouw regio. Je kunt ook de behoeften van je planten opzoeken om erachter te komen of jouw kraanwater geschikt is voor de planten in je tuin. Met een regenton kun je regenwater gemakkelijk opvangen. Dit is minder belastend voor het milieu dan kraanwater en past dan ook perfect bij een ecologische tuin.


